Gewapend met toverspreuken brengen de goede fee en de boze heks heil en onheil. In sprookjes is het leven eenvoudig. Altijd verschijnt de fee ten tonele om de snode plannen en daden van de heks te verijdelen of bij te sturen.
Eerste minister Yves Leterme heeft iets met sprookjes. Bij de federale verkiezingen van juni 2007 behaalde hij met bijna 800.000 voorkeurstemmen een monsterscore voor het kartel CD&V/N-VA. Het leek te mooi om waar te zijn. In de verkiezingsaanloop had Leterme keer op keer de staatshervorming als een absolute voorwaarde voor het behoud van de welvaart beklemtoond. Eenmaal de kaarten geschud trachtte hij zich aan zijn verkiezingsbeloften te houden. Door de rabiate onwil van de Franstalige minderheid - gepersonaliseerd door Joëlle Milquet als madame non - kwam hiervan niets in huis. De regeringsvorming sleepte bijna 200 dagen aan en de wankele regering viel al einde 2008, niet eens een jaar na haar aantreden. Het sprookje was een nachtmerrie geworden. Leterme had hieronder zichtbaar geleden. Niet alleen in de Franstalige media, maar ook in vele Vlaamse opiniestukken was hij keer op keer afgeschilderd als een heks of in het beste geval als een enorme kluns.
Na de interim-regering van tussenpaus Herman van Rompuy staat Leterme terug aan het roer van de federale regering. Leterme heeft veel water bij de wijn gedaan. Zoveel water, dat geen enkele sommelier deze wijn nog zou aanbevelen. Maar de beloning, althans in de media, is groot. Franstalig België smaakt de nieuwe Leterme wel. Ook een grote schare van Vlaamse commentatoren en politicologen roemt zijn ommekeer. De Vlaamse politici daarentegen, die onderhandelingen over de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde afwijzen, verwijten hem zijn onverantwoordelijk en onredelijk gedrag. Meten met 2 maten en 2 gewichten is hun specialiteit.
Leterme beweert wat grijzer te zijn geworden en uit zijn fouten te hebben geleerd. Voor de voorstanders van een status quo heeft hij zich ontpopt tot een goede fee. Zij deden een vreugdedans toen hij begin januari zijn toverwoord ‘samenwerkingsfederalisme’ lanceerde. Eigenlijk komt het er op neer dat Vlamingen en Franstaligen zoete broodjes met elkaar moeten bakken en de Vlamingen verder niet moeten zeuren. Het nepargument ter zake stond in de sterren geschreven: de economische crisis. En dat terwijl die crisis de noodzaak van een verschillende aanpak in Vlaanderen en Wallonië juist scherper blootlegt.
Leterme slaat de bal danig mis. Toverwoorden horen thuis in sprookjes en niet in de politiek. De talrijke disputen tussen noord en zuid kunnen niet worden toegedekt door de vriendelijke woordjes van een goede fee. Het ‘samenwerkingsfederalisme’ zal niet tot een oplossing ten gronde leiden. Er zijn nu eenmaal de feiten waar ook Leterme niet omheen zal kunnen blijven fietsen. Dat Leterme zijn toverwoord niet met Vlaams minister-president Kris Peeters heeft overlegd spreekt boekdelen. Je zou hieruit zelfs kunnen afleiden dat hij er eigenlijk zelf niet in gelooft.
Wij pleiten niet voor een vechtfederalisme. Wel voor een drastische aanpassing van de structuren aan de behoeften en noden van Vlaanderen en Wallonië. Pas dan daagt er licht aan het einde van de tunnel. Alleen dit dient het ware belang van zowel Vlamingen als Franstaligen. Maar om zich hiertoe te bekennen, is enige politieke moed vereist…
Philippe Haeyaert Algemeen voorzitter Februari 2010 |